Ipsen logo
Disclaimer
Print
Letter vergroten
Home » Ziektebeelden » Prostaatkanker » Behandeling
Behandeling

Hoe wordt prostaatkanker behandeld?

Behandeling gericht op genezing van prostaatkanker (curatieve therapie)

Enkel een gelokaliseerde, niet uitgezaaide, prostaatkanker komt voor genezing in aanmerking. Indien er kapseldoorbraak of uitzaaiingen zijn is genezing tot nu toe onmogelijk. Het probleem is dat men nooit met zekerheid kan vaststellen dat de kanker plaatselijk is dan wel reeds is uitgezaaid.

Er zijn 3 vormen van behandeling voor deze groep:

  • Actief volgen (actieve surveillance)
  • Chirurgisch behandelen (radicale prostatectomie)
  • Bestraling (radiotherapie)

Bij de keuze wordt rekening gehouden met de levensverwachting van de patiënt. Men kan immers nog lang leven met prostaatkanker die niet wordt behandeld. Bovendien kan een behandeling ernstige nevenwerkingen hebben die de levenskwaliteit in sterke mate doen dalen.

Behandeling gericht op levensverlenging (palliatieve therapie)

Het gaat hier om een prostaatkanker met uitbreiding buiten de prostaat (kapseldoorbraak). Er worden in deze situatie soms ook prostaatkankercellen aangetroffen in andere delen van het lichaam, bijvoorbeeld lymfeklieren, botten, organen, etc.

In dit geval zal de behandeling van de arts er op gericht zijn de ontwikkeling van de kanker zo lang mogelijk te vertragen en de complicaties te verzachten (palliatie).

Verschillende vormen van behandeling zijn mogelijk:

  • Niets doen en de evolutie van de kanker opvolgen (Watchful waiting)
  • Hormonale therapie:
  • Chirurgische castratie (orchidectomie)
  • Chemische castratie gevolgd door radiotherapie
  • Chemische castratie alleen

De groei van prostaatkanker wordt gestimuleerd door het mannelijke hormoon testosteron. Bij een hormonale therapie probeert men de productie van dit hormoon te blokkeren of probeert men de stimulatie van de kankercellen door het mannelijk hormoon af te remmen. Bij chirurgische castratie worden de zaadballen (testikels) verwijderd, om zo de productie van testosteron te stoppen, bij chemische hormonale therapie wordt de testosteronproductie stilgelegd door medicatie. Hormonale behandeling kan de kanker niet genezen, alleen afremmen en de levenskwaliteit van de patiënt verbeteren.

Hormonale therapieën hebben de volgende bijwerkingen, die gerelateerd zijn aan de testosteronverlaging in het bloed:

  • Opvliegers
  • Moeheid
  • Impotentie klachten
  • Verlies van zin in seks (libido verlies)
  • Verlies spiermassa
  • Gynaecomastie (ontwikkeling borsten en pijnlijke tepels)
  • Toename lichaamsgewicht
  • Botontkalking
  • Karakter veranderingen

Na verloop van tijd (meerdere jaren) zal een hormoon refractaire situatie gaan ontstaan. Dit betekent dat de prostaatkanker verder gaat groeien ook al heeft de patiënt geen testosteron ontwikkeling; de kanker is ongevoelig voor hormonale therapie.

Voor deze fase zijn er ook weer enkele mogelijke therapieën: 

  • Pijnstilling
  • Bisfosfonaten, met name bij botpijnen
  • Bestraling
  • Chemotherapie