Milieu, gezondheid, veiligheid (EHS)

Bij Ipsen zien wij toe op de toepassing van een hoog veiligheidsniveau bij onze activiteiten, in samenhang met respect voor het milieu. De groep heeft deze belofte geformaliseerd in een EHS-aanpak (milieu, gezondheid, veiligheid), gebaseerd op een preventiebeleid conform de normen van ISO 14001 (milieu) en OHSAS 18001 (gezondheid en veiligheid). Deze benadering sluit aan bij ons streven naar voortdurende verbetering, en richt zich op het bevorderen van de verantwoordelijkheid van spelers op alle niveaus.

 

Een beleid van maatschappelijk verantwoord ondernemen

Het milieu, de gezondheid en de veiligheid (EHS) maken integraal deel uit van de activiteiten van Ipsen. In zijn EHS-beleid legt Ipsen daarbij het accent op de verantwoordelijkheid van de individuele werknemers. Bovendien heeft de Groep zich ertoe verbonden:

  • zijn activiteiten en producten zodanig te ontwerpen, zowel ethisch als uit oogpunt van conformiteit, dat het effect op mens en milieu beperkt blijft;
  • de risico’s te beperken van ongelukken en incidenten;
  • bij te dragen aan de voortdurende verbetering van de prestaties en de EHS-cultuur.

De Groep voert een vrijwillig beleid van certificering, op milieugebied met de ISO 14001-norm en op veiligheidsgebied met OHSAS 18001, en heeft in 2014 besloten voor deze twee standaarden een certificeringsproject op te starten voor alle tien productievestigingen en voor de activiteiten van R&D. Men heeft zich hierbij als doel gesteld om in 2017 te komen tot de dubbele certificering voor al deze vestigingen.

De vestigingen, zoals Dublin (Ierland), Les Ulis (Frankrijk), Abingdon (Verenigd Koninkrijk), Cambridge (Verenigde Staten) en Wrexham (Verenigd Koninkrijk), hebben hun EHS-managementsystemen al aangepast aan de interne standaard van de Groep. Wat het milieu betreft heeft de vestiging van Wrexham van de lokale autoriteiten het BS 8555-certificaat ontvangen als bewijs voor de invoering van een systeem voor milieubeheer. Bovendien is deze vestiging door de plaatselijke autoriteiten erkend voor de bevordering van de gezondheid op het werk (de Corporate Health Standard) en voor de veiligheid op het werk (de RoSPA Gold Award, Royal Society for the Prevention of Accidents).

 

Een programma voor scholing op maat

Centraal in deze preventiemaatregelen staan bewustmakings- en scholingsactiviteiten op het gebied van milieu, gezondheid en veiligheid die binnen de groep worden georganiseerd. Elke vestiging heeft een scholingsprogramma ontwikkeld dat is afgestemd op haar eigen risico’s en effecten. Zo wordt iedere medewerker geschoold in de risico’s die inherent zijn aan zijn werkplek en in de milieueffecten die zijn activiteiten teweeg kunnen brengen. Deze scholingen beantwoorden aan onze drie verbintenissen, die geformaliseerd zijn in de gedragscode EHS 3S:
 

gedragscode EHS 3S

 

 

STEP UP

 

SPEAK OUT

 

STAY SAFE

Complete persoonlijke toewijding aan de eigen veiligheid en die van zijn medewerkers, alsook aan het milieubehoud. Systematisch de meest veilige manier van werken kiezen. Ideeën en zorgen delen met betrekking tot het milieu, de gezondheid en de veiligheid. Openlijk durven spreken met collega’s over risicosituaties, zelfs als deze buiten de eigen verantwoordelijkheid vallen. Mogelijkheden onderzoeken voor continue verbetering van de EHS-prestaties. Elke praktijk of situatie signaleren die een risico vormt, om mogelijke verwondingen of milieuschade te voorkomen.

 

 

Onze strijd tegen de klimaatverandering

Ipsen heeft zich gecommiteerd de directe en indirecte emissies van broeikasgassen (BKG) te monitoren om het milieu-effect van zijn activiteiten te kunnen meten en prioritaire acties te ondernemen om de emissies te verlagen. In 2014 heeft elke entiteit die een BKG-balans had opgemaakt zijn actieplan voor verbeteringen ingezet. De groep onderneemt al enkele jaren tal van acties om zijn CO2-voetafdruk te verkleinen, met name door zijn energieverbruik terug te brengen, bijvoorbeeld met:

  • energiediagnoses voor de industriële vestigingen en R&D locaties;
  • vervanging van voorzieningen door installaties die minder energie verbruiken;
  • het organiseren video- en webconferenties als alternatief voor verplaatsingen;
  • geleidelijke vervanging van het wagenpark door auto’s met een lagere CO2-uitstoot;
  • carpooling en pendeldiensten om het gebruik van personenauto’s terug te dringen.
Geüpdatet op 17/08/2017